Verhalen uit het Pinetum
Op deze pagina komen bijzondere verhalen en herinneringen samen die direct of indirect verbonden zijn met het ontstaan, de ontwikkeling, de vormgeving en de collectie van Pinetum Quatrebras. Verhalen over de mensen die zich voor het Pinetum hebben ingezet, bijzondere bomen en hun herkomst, gebeurtenissen die bepalend zijn geweest voor de geschiedenis en persoonlijke ervaringen die kleur geven aan de plek zoals die vandaag is. Zo ontstaat naast de officiële geschiedenis ook een verzameling verhalen die laat zien welke mensen, bomen en gebeurtenissen samen het Pinetum hebben gevormd.
De Ceder vallei - Koilada ton Kedron
In maart 2014 zijn we naar Cyprus geweest om een van de vier cedersoorten in haar natuurlijke omgeving te ontdekken: de Cedrus brevifolia – Cyprische ceder is een groenblijvende conifeer die van nature voorkomt in het Troodosgebergte op Cyprus. Hij groeit daar op droge, rotsachtige hellingen en blijft doorgaans kleiner dan de verwante Libanonceder. De soort dankt zijn botanische naam brevifolia (‘kortbladig’) aan de relatief korte, blauwgroene naalden, die in dichte bundels staan. Oudere bomen ontwikkelen een brede kroon met karakteristiek horizontaal uitstaande takken. , de Cyprische ceder. Van die reis maakten we onderstaand verslag.
De Ceder vallei ligt in het westelijke deel van het Troodosgebergte. Hier groeien nog natuurlijke bossen van de Cedrus brevifolia. De soort komt voor in verschillende deelgebieden, waaronder Tripylos, Mauroi Kremoi, Ellias, Throni en Exo Milos. Vanaf de berg Tripylos heb je een prachtig uitzicht over de vallei.
Onze thuisbasis is Kyrenia, ter plaatse Girne genoemd, in het noordelijke, Turkse deel van Cyprus. Omdat het huren van een auto en het oversteken van de grens nogal wat voeten in de aarde heeft, nemen we een dolmuş naar Nicosia, steken daar te voet de grens over en huren aan de Griekse kant een auto. Na de nodige controles en een stevige stempel in het paspoort kunnen we op weg. Via de B9 rijden we richting Troodos. Het is even wennen aan het links rijden, vooral bij het schakelen. Na ongeveer twee uur bereiken we Pedoulas, waar we overnachten. Na het inkwartieren gaat de reis meteen verder richting de Ceder vallei.
De bosweg naar de vallei loopt tussen het Kykkos-klooster en Stavros tis Psokas. Vanaf de parkeerplaats wandelen we in ongeveer een uur naar de top van de Tripylos, op 1.362 meter hoogte. Het gebied wordt beheerd door het Cypriotische staatsbosbeheer. Hier groeien duizenden Cyprische ceders, samen met de Brutia-den (Pinus brutia).
De Cedrus brevifolia – Cyprische ceder is een groenblijvende conifeer die van nature voorkomt in het Troodosgebergte op Cyprus. Hij groeit daar op droge, rotsachtige hellingen en blijft doorgaans kleiner dan de verwante Libanonceder. De soort dankt zijn botanische naam brevifolia (‘kortbladig’) aan de relatief korte, blauwgroene naalden, die in dichte bundels staan. Oudere bomen ontwikkelen een brede kroon met karakteristiek horizontaal uitstaande takken.
Na een paar kilometer klimmen verschijnen de eerste betoverende uitzichten over de vallei, met de ceders die zich mengen tussen de Brutia-dennen. Wat vooral opvalt, is de geringe natuurlijke verjonging. Langdurige droogte maakt het jonge bomen moeilijk en daarnaast vormt bosbrand een voortdurend risico voor dit kwetsbare leefgebied. De oude ceders kunnen gelukkig honderden jaren oud worden, sommige naar schatting meer dan vijfhonderd jaar. Boven op de Tripylos werpen we nog één keer een blik over de vallei. Even niets anders dan de rust, de bergen en de prachtig glanzende ceders. Een bijzondere ontmoeting met een boom die we normaal gesproken alleen in het Pinetum bewonderen.
Rex Leber
In memoriam Philip Rodenburg – man van het eerste uur
Zo’n dertig jaar geleden begon Philip Rodenburg met een volkstuintje. Verschillende buren sloten zich daarbij aan, onder anderen Sietse, Huisjes, Piet, Harrie en Leo, al doen we daarmee ongetwijfeld nog een aantal mensen tekort. Philip was een tuinder in hart en nieren. Bijna altijd was hij met plantjes in de weer en met zijn onafscheidelijke aspergesteker in de hand, waarmee hij niet alleen asperges stak, maar ook het onkruid te lijf ging. De tuin betekende veel voor hem en we konden het samen goed vinden. Samen hebben we ons ingezet om de tuinen bij de Wimpel te behouden. Toen er plannen waren om de Stadsweg te verlengen ten koste van de tuinen, kwamen bijna alle bewoners van de Wimpel en de Noorddijkerweg in actie. Dankzij die gezamenlijke inzet konden de plannen worden verijdeld. Met de steun van onder anderen wethouder Jannie Visscher kregen we vervolgens de kans om van het gebied een Pinetum te maken. Een groot aantal bomen die Philip zelf had opgekweekt, kreeg daarmee een plek in het Pinetum en leeft daar nog altijd voort. Op enkele foto’s is de Sciadopitys verticillata, de parasolden, te zien, een bijzondere boom waarvan Philip verschillende exemplaren heeft opgekweekt. Ook Jochem (foto 6) en Wim (foto 7) maakten deel uit van het leven rond de tuinen: Jochem kwam dagelijks de boel inspecteren, altijd met een sigaar, zelfs op de brommer en Wim legde menig paadje aan en onderhield later het stuk naast de flat. Toen Philip zijn tuin uiteindelijk niet meer zelf kon onderhouden en naar Mercator verhuisde, verdween een goede tuinvriend uit ons midden. Op 21 oktober 2013 overleed Philip, na lange tijd te hebben gestreden om onder ons te blijven. Zijn liefde voor de tuin en voor bomen is nog altijd zichtbaar in het Pinetum. Philip, bedankt voor de vele jaren van prettig samenzijn op de tuinen en voor alles wat je hebt bijgedragen aan deze bijzondere plek.
Philip Roodenburg
21 september 1930 – 21 oktober 2013
Je tuinvriend Rieks